Geplaatst op 24-06-2021

Het lijkt wel of er steeds meer houtsoorten verkrijgbaar zijn, dat je soms letterlijk door de bomen het bos niet meer ziet. Het eerste onderscheid dat vaak gemaakt wordt, is of het hardhout of zachthout betreft.

Hardhout

Hardhout wordt doorgaans verkregen door het verzagen van loofbomen (loofhout). De term is afkomstig uit het Engels, waar de naam hardwood wordt gegeven aan loofhout. Deze benaming kan wat verwarring veroorzaken, want het is niet zo dat hardhout per definitie altijd hard is. Algemeen gezien groeien loofbomen langzamer dan naaldbomen, waardoor het hout harder is. Uiteraard zijn er ook uitzonderingen op deze regel, maar doorgaans wordt hardhout gezien als sterker en duurzamer dan zachthout. Voorbeelden van soorten hardhout zijn Bangkirai, Red Cedar en Robinia. Door de duurzaamheid van hardhout is het een populaire houtsoort voor buitentoepassingen als vlonders en schuttingen.

Zachthout

Zachthout wordt ook wel benoemd als naaldhout en is afkomstig van naaldbomen. Zachthout is, zoals de naam al doet vermoeden, veelal wat zachter qua textuur en daardoor gemakkelijker te verzagen. De zachtere structuur ontstaat doordat het hout sneller groeit dan loofhout. Toch is de duurzaamheid vaak dik in orde, zoals het geval is bij Douglas (Lariks). Door het hout te behandelen met bijvoorbeeld thermische modificatie, kan de levensduur zelfs even goed worden als die van hardhout. Voorbeelden van zachthout zijn Douglas, Grenen en Vuren. Deze houtsoorten worden veelal gebruikt als gevelbekleding, schuttingen of als bouwhout. Gezien het feit dat hardhout en zachthout beide beschikken over uiteenlopende doeleinden, is het niet eerlijk om een 'winnaar' te verkiezen. Beide varianten zijn uiterst geschikt voor specifieke toepassingen. Wil je graag meer lezen over onze houtsoorten? Kijk dan snel hier!

.